Heiligen

8 Oktober
Birgitta van Zweden

Lippo d’Andrea Brigitinessen Graduale, ca. 1435
Perkament, tempera en bladgoud, 555 x 370 mm
New York, The Metropolitan Museum of Art
Openingspagina, onderste helft: Heilige Birgitta met koor
Niccolò di Tommaso, Birgitta en het geboortevisioen, ca. 1373
Tempera op paneel, 44 x 54 cm
Rome, Pinacoteca Vaticana
Birgitta Liber Celestis Noord-Engeland, 1400-25
Perkament, Middelengels, 350 x 240 mm
Londen, British Library
[Cotton Claudius I] Folio 270 recto

Missaal

H. Birgitta, Weduwe
8 oktober

Na de dood van haar echtgenoot trok deze koninklijke Zweedse prinses zich terug in een Cisterciënzerklooster. Grote openbaringen mocht zij van God ontvangen. († 1373)

De Heilige Birgitta van Zweden, die leefde van 1304 tot 1373, was een vrome adellijke dame die aanvankelijk verbonden was aan het Zweedse hof. Zij trouwde op dertienjarige leeftijd, kreeg acht kinderen en werd in 1344 weduwe. In 1346 stichtte zij in Vadstena het eerste klooster van de Orde van de Allerheiligste Verlosser, beter bekend als de Birgittinessen.

Revelationes

Zij kreeg visioenen, o.a. van de geboorte en het lijden van Christus. De Zweedse tekst van haar Revelationes werd door haar biechtvader in het Latijn vertaald en gepubliceerd tussen 1376 en 1386. De Revelationes hebben een grote invloed gehad op de schilderkunst van de veertiende en vijftiende eeuw. De oudste Middelnederlandse vertaling ontstond in het klooster Marienwater, een klooster van de door Birgitta gestichte orde van Sint-Salvator, dat in 1435 werd gesticht in Rosmalen.

Birgitta bezocht een jaar voor haar dood de geboortegrot onder de basiliek in Betlehem en kreeg toen een visioen van de geboorte van Christus.

Geboortevisioen
van
Birgitta
van
Zweden

De nu volgende Nederlandse versie van de Openbaringen over het leven en lijden van Jezus Christus en zijn roemrijke moeder, de maagd Maria is door de minderbroeder B. Knipping vertaald uit het Latijn:

Sint Birgitta spreekt: Toen ik bij de kribbe van den Heer in Betlehem was, zag ik een Maagd van wonderbare schoonheid, die gehuld was in een blanke mantel en een fijn geweven onderkleed. Daar was ook een oude, zeer eerbiedwaardige man en ze hadden een os en een ezel. Ze gingen een grot binnen. Nadat de grijsaard os en ezel aan de kribbe had vastgebonden, ging hij naar buiten. Daarop bracht hij de Maagd een brandende kaars. Hij bevestigde deze kaars aan de wand en ging naar buiten, om bij de geboorte niet tegenwoordig te wezen. Hierop ontdeed zich de Maagd van haar schoeisel en legde de blanke mantel af, welke haar omhulde. Toen nam ze de sluier van haar hoofd en legde die naast zich neer. Zo bleef ze daar bezig, alleen met de tunica bekleed. Haar wondermooie gouden haren vielen los langs haar schouders. […]

[…] En terwijl ze daar zo in gebed stond, bracht ze in een oogwenk een Zoon ter wereld. Van Hem ging zo`n onuitsprekelijk licht en zulke glans uit, dat de zon er niet eens mee te vergelijken was. En terzelfdertijd zag ik dat heerlijke, naakte en allerkleinste Kindje op de grond liggen. Zijn lichaampje was vrij van iedere smet en onreinheid. Ik vernam ook het gezang der engelen, dat buitengewoon liefelijk en zoet was.

Dogma
van de
pijnloze
bevalling

Toen daarop de Maagd bemerkte, dat zij reeds gebaard had, aanbad ze dadelijk het Knaapje met grote eerbied en ontzag; ze neigde het hoofd en vouwde de handen. En ze sprak tot Hem: ‘Welkom, mijn God, mijn Heer en mijn Zoon.’ En het Knaapje begon te wenen en te rillen van de kou en de hardheid van de grond, waarop het lag, het strekte de armpjes uit en wendde zich een weinig om, alsof het hulp bij Zijn Moeder zocht.

Toen nam ze het Kind in de armen, drukte het tegen haar boezem en met borst en wangen verwarmde ze het, vervuld van een grote vreugde en een teder en moederlijk gevoel. En dadelijk daarop wikkelde ze het Knaapje in, eerst in linnen, daarna in wollen doeken. Toen dit gedaan was, trad de grijsaard binnen, wierp zich neder en aanbad met gebogen knie het Knaapje: hij schreide van vreugde. Daarop stond de Maagd op, nam het Knaapje in de armen, en beiden, Maria en Jozef, legden het in de kribbe, en geknield aanbaden ze het met oneindige vreugde en overstelpende zaligheid.

De pijnloze bevalling van Maria waar Birgitta het over heeft was al tot dogma uitgeroepen op het concilie van Ephese in 431. No met rouwen, no met seere ghelach Onse Vrouwe van Onsen Here schrijft de anonieme auteur van het Middelnederlandse Vanden levene Ons Heren.

De paneelschildering in het Vaticaans Museum is de vroegste - volgens sommigen eigentijdse - afbeelding van het Geboortevisioen van Birgitta van Zweden in de geboortegrot in Betlehem tijdens haar pelgrimage naar het Heilig Land in 1373. Birgitta knielt in ordegewaad rechtsonder.

In de miniatuur in de British Library aanbidden Maria (zij ziet er uit als een prinses) en Birgitta het Jezuskind dat naakt, omgeven door gouden stralen, op de grond ligt. De os en de ezel kijken in een lege kribbe.


19

Reageren op deze Blog

Reacties op deze Blog zijn zeer welkom. Wel worden alle reacties gemodereerd en worden dus pas getoond na acceptatie. Bij reacties wordt uitsluitend uw naam getoond. Verdere gegevens worden nooit gedeeld.

Categorieën

Blog categorieën