Annunciatie
25 Maart
Conceptio per aurem
Perkament, Latijn, 280 x 200 mm
Parijs, Bibliothèque nationale de France
[Ms Arsenal 1186] Folio 16 recto: bovenste helft
Tempera, inkt en goud op perkament, 102 x 78 mm
New York, The Metropolitan Museum of Art
[inv. 1982.175] Losse bladzijde Initiaal R
Per aurem intrat Christus in Mariam
In de eerste eeuwen van het christendom was er veel controverse over de vraag of de goddelijkheid van Christus verenigbaar was met zijn menselijke natuur. En als hij werkelijk mens was geworden, kon hij dan wel vrij zijn van de erfzonde?
In 390, op de synode van Milaan, werd de opvatting van de kerkvader Ambrosius aangenomen, die stelde dat Christus vrij van erfzonde geboren werd vanwege de maagdelijkheid van zijn moeder, Maria. In het midden van de zevende eeuw, op het eerste Lateraans concilie, werd de maagdelijkheid van Maria tot een kerkelijk dogma verklaard.
Kerkvaders en theologen hebben op voor ons vaak overdreven en vergezochte manieren geprobeerd te bewijzen dat de conceptie van Christus niet via geslachtelijke omgang had plaatsgevonden. De conceptio per aurem-opvatting is daar een sprekend voorbeeld van.
Al in de eerste helft van de derde eeuw had Origines, de vooraanstaande Griekse exegeet, beweerd dat Maria Jezus, HET WOORD, de LOGOS, had ontvangen op het moment dat de woorden van de engel haar oor binnenkwamen. Het lag dan ook voor de hand aan te nemen dat de conceptie dus letterlijk via het oor plaatsvond.
In een zesde-eeuwse hymne (vertaling Frits Van der Meer) wordt het als volgt verwoord:
Verwonderd zien de eeuwen aan
hoe dat een engel brengt het zaad,
en hoe de maagd door `t oor ontvangt
en, met haar hart gelovend, baart.
Maria, vrouwe uutvercoren,
Ghi ontfinget in u oren
Van den Heilighen Gheest u kint.
Het beeld van de conceptio per aurem was in de middeleeuwen algemeen bekend. Jacob van Maerlant beschrijft het in Van den vijf vrouden (2de helft 13de eeuw) als volgt:
Maria, vrouwe uutvercoren, Ghi ontfinget in u oren Van den Heilighen Gheest u kint.
In het prachtige psalter, aan het begin van de dertiende eeuw vervaardigd voor de heilige Lodewijk van Frankrijk en zijn moeder Blanche van Castilië, lijkt het of de duif pikt op het voorhoofd van Maria. De engel maakt het spreekgebaar. De lelie heeft de vorm van een fleur de lys, embleem van het Franse koningshuis.
In de onderste helft van de miniatuur wordt de Visitatie, het bezoek van Maria aan haar nicht Elizabeth, afgebeeld.
Op deze losse bladzijde uit een koorboek bestemd voor een klooster van dominicanessen (Sankt Katharinenthal), heft Maria verbaasd beide handen als ze hoort wat de duif in haar linkeroor fluistert.
De duif bij het linkeroor komt gewoonlijk voor als de engel van rechts komt. In de meeste voorstellingen komt de boodschap binnen via Maria's rechteroor.
De miniatuur staat in de letter R van Rorate Caeli (‘Dauwt hemelen’), de eerste woorden van het gregoriaanse intredegezang voor de mis van de annunciatieviering. Tegenwoordig wordt Rorate caeli gezongen op de laatste zondag van de Advent.
17
Recente Blogs
Categorieën
Nieuwsbrief
Neem een gratis abonnement op de nieuwsbrief en ontvang een dagelijkse update!.
