Heiligen

16 Augustus
Heilige Maagschap

Meester van Liesborn, De heilige Maagschap, ca. 1480>br> Olieverf op paneel, 130 x 92 cm
Utrecht, Museum Catharijneconvent [ABM s35a]
Foto: Ruben de Heer

Bovenkant, onderste rij, van links naar rechts:
Alfeüs, Klopas, Salome en Joachim, Jozef en Zebedeüs.
Achterste rij links: Hismaria en Emerentia;
rechts Eliud en Elizabeth met Johannes de Doper.

Legende
van de
Heilige
Maagschap

Maria, de moeder van de Heer, en Maria de moeder van Jakobus, de broer van de Heer, en Maria, de moeder van Johannes de evangelist waren zusters, geboren uit verschillende vaders, maar uit dezelfde moeder, namelijk Anna. Na Joachim’s dood huwde zij Kleofas, en van hem had zij een tweede Maria, die in het evangelie Maria Kleofas genoemd wordt. Deze Kleofas had een broer Jozef, met wie zijn stiefdochter, de heilige Maagd Maria, verloofd was. Zijn eigen dochter gaf hij ten huwelijk aan Alfeüs. Uit haar werd Jakobus Minor geboren, die ook Justus wordt genoemd, en een andere Jozef. Na Kleofas’ dood huwde Anna met een derde echtgenoot, Salomas genaamd, die haar een derde Maria schonk, welke huwde met Zebedeüs en twee kinderen baarde, Jakobus Maior en Johannes de evangelist.

Deze tekst, in de eerste helft van de negende eeuw geschreven door Haimo van Halberstadt († 853), de benedictijner bisschop van het gelijknamige bisdom, is de oudste versie van de Legende van de heilige Maagschap.

Met de Heilige Maagschap worden de bloedverwanten van Anna, de moeder van Maria en dus de grootmoeder van Jezus bedoeld. 'Maag' betekent bloedverwant. Op de Heilige Maagschap, of zoals de Duitsers zeggen: die 'Heilige Sippe', zien we grootmoeder Anna temidden van haar dochters en schoonzoons, kleinkinderen en andere familieleden. De heilige maagschap wordt ook wel 'Trinubium Annae' genoemd. De betekenis van het driemaal huwen van Anna ligt in het feit dat ze daardoor de stammoeder werd van een groot en heilig geslacht.

Meester
van
Liesborn

Het paneel met de Heilige Maagschap uit het atelier van de Meester van Liesborn, werkzaam in Westfalen van 1460 tot 1490, vormt de buitenzijde van het linkerluik van een altaarstuk met vier episoden uit het Lijden van Christus. Van de vier voorstellingen aan de binnenzijde resteren slechts fragmenten. De figuren aan de buitenzijde (linkerluik) worden door inscripties geïdentificeerd.

Website
van het
Catharijneconvent

De heilige Anna en haar familieleden zijn gegroepeerd bij een stenen muur in een heuvelachtig landschap met bomen. Centraal in de compositie zijn Anna, Maria en het Christuskind voorgesteld. Anna houdt haar linker hand op een opengeslagen boek en geeft het kind een appeltje.

Links van Anna zijn haar dochter Maria Klopas met haar kinderen Jakobus de Mindere, Jozef de Rechtvaardige (Barnabas), Judas Taddeüs en Simon afgebeeld.

Rechts van de maagd Maria zit haar halfzus Maria Salome met haar zoons Johannes de Evangelist en Jakobus de Meerdere. De laatste twee zijn voorgesteld met hun attributen, Johannes met de kelk in zijn handen en Jakobus als pelgrim met staf, tas en hoed. In tegenstelling tot de figuren achter de stenen muur zijn deze personages alle voorzien van een gouden nimbus.

Achter de muur zijn de echtgenoten en andere familieleden afgebeeld. Geheel links, boven zijn vrouw Maria Klopas, staat Alfeüs. Daarnaast staan de drie echtgenoten van Anna: Klopas, Salome en Joachim. Boven Maria is Jozef zichtbaar. Uiterst rechts is Zebedeüs te zien, de echtgenoot van Maria Salome.

De achterste rij familieleden wordt gevormd door Hismaria, de zuster van Anna en haar schoondochter Emerentia met Servatius op haar arm. Servatius is de kleinzoon van Emerentia en Anna's zoon Eliud, die verderop rechts is afgebeeld bij zijn zuster Elisabet en haar zoontje Johannes de Doper.


8

Reageren op deze Blog

Reacties op deze Blog zijn zeer welkom. Wel worden alle reacties gemodereerd en worden dus pas getoond na acceptatie. Bij reacties wordt uitsluitend uw naam getoond. Verdere gegevens worden nooit gedeeld.

Categorieën

Blog categorieën