Feestdagen

12 April
Beloken Pasen: De ongelovige Tomas

Duccio di Buoninsegna , Maestà, 1308-1311
Tempera op paneel, 212 x 425 cm
Siena, Museo Opera del Duomo
Achterzijde met scènes uit het Lijdensverhaal
Pinakel
Psalter van Fécamp, Normandië, ca. 1180
Perkament, Latijn, 232 x 169 mm
Den Haag, Koninklijke Bibliotheek
[KB, 76 F 13] Folio 25 recto
Jacob van Maerlant, Rijmbijbel,
Graafschap Vlaanderen, ca. 1290-1300
Perkament, Nederlands, 302 x 225 mm
Brussel, Koninklijke Bibliotheek van België
[KBR, Ms. 15001] Folio 164 recto
Meester van Maria van Gelre, Gebedenboek Maria van Gelre,
Arnhem en Nijmegen, ca. 1415,
Perkament, Nederrrijns, 185 x 135 mm
Berlijn, SBB-PK Ms. Germ. Qu.42
Folio 114 verso
Jean le Tavernier, Getijdenboek van Filips de Goede
Oudenaarde, 1454
Perkament, 270 x 190 mm, Latijn en Frans
Den Haag, Koninklijke Bibliotheek
[KB, 76 F 2] Folio 254 recto
Leven van Christus in gebeden,
Vlaanderen, ca. 1530
Perkament, Nederlands, 97 x 70 mm
Den Haag, Koninklijke Bibliotheek
[KB, 133 E 2] Folio 36 verso

Missaal:

Tegemoetkomend aan het ongeloof van Tomas, verschijnt Jezus, sterkt het geloof van zijn leerlingen, en zegt tot Tomas het woord, zo troostend voor ons allen, die Hem nooit zagen; Gelukkig zij die niet zagen, en toch geloofden.

Legenda aurea:

De zesde keer verscheen Hij op de achtste dag aan de verzamelde leerlingen, waar Thomas bij was, die gezegd had dat hij niet geloofde als hij niet gezien had. Dit duidt de wankelmoedigen in het geloof aan, Johannes 20, 25-29.

Johannes 20,
25-29:

De andere discipelen dan zeiden tot hem: Wij hebben den Heere gezien. Doch hij zeide tot hen: Indien ik in Zijn handen niet zie het teken der nagelen, en mijn vinger steke in het teken der nagelen, en steke mijn hand in Zijn zijde, ik zal geenszins geloven. En na acht dagen waren Zijn discipelen wederom binnen, en Thomas met hen; en Jezus kwam, als de deuren gesloten waren, en stond in het midden, en zeide: Vrede zij ulieden! Daarna zeide Hij tot Thomas: Breng uw vinger hier, en zie Mijn handen, en breng uw hand, en steek ze in Mijn zijde; en zijt niet ongelovig, maar gelovig. En Thomas antwoordde en zeide tot Hem: Mijn Heere en mijn God! Jezus zeide tot hem: Omdat gij Mij gezien hebt, Thomas, zo hebt gij geloofd; zalig zijn zij, die niet zullen gezien hebben, en nochtans zullen geloofd hebben.< (Statenvertaling)

Brinc haerwart den vingher dijn

Op deze miniatuur in de Rijmbijbel van Jacob van Maerlant in de koninklijke Bibliotheek van Brussel, zijn de andere apostelen niet weergegeven, om zo de volle aandacht op de handeling van Tomas te vestigen. Het verhaal wordt vanaf de dertiende eeuw op deze manier afgebeeld in Bijbels en psalters. Ten teken dat hij verrezen is, houdt Christus de kruisbanier in de linkerhand. Door de gouden achtergrond is het niet duidelijk of de scène zich binnenshuis afspeelt of buiten.

Up den echtte[n] dach nae paesschen

In het Gebedenboek van Maria van Gelre vindt, in tegenspraak met het evangelieverhaal, de ontmoeting tussen Tomas en de verrezen Christus plaats in de buitenlucht. Ook hier zijn de andere apostelen afwezig. Christus heeft geen kruisbanier in de hand; hij heft beide handen om de kruiswonden duidelijk te kunnen tonen.

Ook in het met grisaille miniaturen rijk geïllustreerde Getijdenboek van Filips de Goede in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag vindt de ontmoeting in de buitenlucht plaats. Christus houdt weer wel de kruisbanier in de linkerhand. Met zijn rechterhand heeft hij de onderarm van Tomas gegrepen om diens rechterhand naar zij zijdewond te leiden.

wes niet onghelovech mere, maar ghetrouwech

De anonieme miniaturist van het piepkleine Leven van Christus in gebeden, situeert de voorstelling binnenshuis, maar zonder de andere apostelen. Hetzelfde gebaar van Christus die de hand van Tomas naar de zijdewond brengt.

Door zijn reactie is Tomas als De ongelovige Tomas spreekwoordelijk geworden. De naam wordt eveneens gebruikt voor de afbeelding van de scène in de kunst. De scène drukt de menselijke behoefte uit aan een tastbaar bewijs om geloof te kunnen hechten aan de wonderlijke gebeurtenis van de verrijzenis.

Ik heb een zwak voor Tomas, altijd gehad. Als kind leek het me (en het lijkt me nu nog) logisch om te twijfelen aan het waarheids- of waarschijnlijkheidsgehalte van de fantastische verhalen die verteld worden. Ik had overigens ook veel bedenkingen bij het verhaal over de hemelse zaligheid. Maar dat is een ander verhaal. 'Als we dat niet geloven, maken ze ons wat anders wijs', placht mijn vader te zeggen, en zo is het!

De Legenda aurea bevestigt het beeld van Tomas als de ongelovige apostel. Toen Maria gestorven was, legden de leerlingen haar in het graf om vervolgens getuige te zijn van haar tenhemelopneming. Volgens De Voragine was Tomas ook dit keer afwezig en geloofde hij later niets van het verhaal dat de anderen hem vertelden. Pas toen Maria uit de hemel haar gordel naar hem toegooide, realiseerde hij zich dat zij daar met lichaam en ziel was opgenomen.

Hierover meer in de blog van 21 december, de feestdag van Tomas.


28

Reageren op deze Blog

Reacties op deze Blog zijn zeer welkom. Wel worden alle reacties gemodereerd en worden dus pas getoond na acceptatie. Bij reacties wordt uitsluitend uw naam getoond. Verdere gegevens worden nooit gedeeld.

Categorieën

Blog categorieën