Feestdagen
26 Mei
Gaven van de Geest
Utrecht, ca. 1440
Perkament, Latijn, 192 x 130 mm
New York, The Pierpont Morgan Library
Folio 52 recto: Metten: Pinksteren
Mis van de Heilige Geest
Petrus deelt de Heilige Geest mee
Wijsheid: Het Oordeel van Salomo
Verstand: David (?) knielt voor een altaar
Raad: Koning en Raadslieden beraadslagen
Sterkte: Jakob in gevecht met de Engel
Kennis: Leraar en leerlingen
Vroomheid: Een dame deelt aalmoezen uit
De Vreze des Heren
Metten: Nederdaling van de H. Geest
De bijgaande miniaturen zijn afkomstig uit het Getijdenboek van Catharina van Kleef, een handschrift dat omstreeks 1440 vervaardigd werd door een anonieme kunstenaar, aangeduid als de Meester van Catharina van Kleef. De afgebeelde miniaturen staan bij de De Getijden van de H. Geest die op dinsdag worden gebeden.
Op de openingsminiatuur bij de Metten zitten Maria en de apostelen in een kring in een gotisch kerkgebouw. De duif daalt neer op het hoofd van de lezende Maria. Boven de hoofden van de apostelen zien we de zogenaamde vurige tongen.
Mis van de Heilige Geest
Een verklaring van deze zeldzame voorstelling is gegeven in de tekst bovenaan de bladzijde, een citaat uit Handelingen 8: 17. De Bijbelpassage vermeldt hoe Petrus en Johannes aan het volk van Samaria de Heilige Geest meedeelden door de handen op hen te leggen; maar het citaat is hier veranderd: Johannes wordt niet genoemd en de nadruk komt te liggen op Petrus en impliciet op de Kerk van Rome. Centraal in de scène is de hand van Petrus, waarop de duif van de Heilige Geest is neergestreken, en die hij legt op het hoofd van de eerste van de vier vóór hem knielende mannen. Achter Petrus staan nog drie mannen, twee van hen zijn grijsaards.
Bij mijn weten is dit het enige getijdenboek waarin ieder getijde vergezeld gaat van een miniatuur met de Zeven gaven van de Geest. De zeven gaven van de heilige Geest zijn ontleend aan Jesaja 11: 2-3: De geest van Jahwe rust op hem, een geest van wijsheid en inzicht, een geest van beleid en sterkte, een geest van kennis en ontzag voor Jahwe, – hij ademt ontzag voor Jahwe. Of zoals verwoord als antwoord op vraag 183 uit de Catechismus ten gebruike van al de bisdommen van België: De zeven gaven van de heilige Geest zijn: de wijsheid, het verstand, de raad, de sterkte, de wetenschap, de vroomheid en de vreze Gods.
Lauden: Wijsheid
Wijsheid, de eerste gave van de Heilige Geest, is uitgebeeld in de wijsheid van Salomo bij het vaststellen van de ware moeder van het omstreden kind door zijn dreigement het kind in tweeën te hakken. Koning Salomo, met de duif van de Heilige Geest op zijn hoofd, zit op zijn troon, en houdt een zwaard boven het naakte lichaam van het kind. Voor hem geknield ligt de ware moeder, die de koning smeekt en hem vraagt haar kind aan de andere vrouw te geven. De andere moeder staat achter haar met twee hovelingen. In de bovenrand is een tekst die vermeldt dat door wijsheid het kind aan zijn moeder werd teruggegeven. In de benedenmarge ligt een kind te slapen in een wieg.
Priem: Verstand
De tweede gift, verstand of intellectus, is uitgebeeld door een man met grijze haren en baard, die in gebed knielt op de trede voor een altaar. Geef mij verstand, zodat ik Uw geboden kan kennen. Deze bede staat in het Latijn geschreven op een banderol boven het hoofd van de man. Boven het altaar vliegt de Heilige Geest, met een banderol waarop in het Latijn staat; Ik zal U verstand geven. Het altaar bevindt zich niet in een kerk maar in een kamer met een balkenplafond en een groen-witte tegelvloer. Aan de achterzijde bevindt zich een retabel, dat uit drie delen bestaat, elk deel bevat een glanzend gouden paneel, waarvoor een kaars is opgesteld. Achter de geknielde figuur staat een deur open waardoor men uitzicht heeft op een landschap.
Terts: Raad
Een koning, misschien Salomo, pleegt overleg met drie adviseurs. Terwijl zij overleggen, strijkt een duif met een aureool neer op het hoofd van de koning ten teken dat raad een gave van de Heilige Geest is. In zijn linkerhand houdt de koning een boek. De Latijnse tekst in de bovenmarge vermeldt dat voorspoed heerst waar velen te rade gaan. Wat de voorstelling in de ondermarge, waar een feniks op een stapel brandende takken staat, te maken heeft met de gave des raads, is niet duidelijk.
Sext: Sterkte
Terwijl Jakob de engel vasthoudt bij pols en kleed tracht deze zich vrij te maken, en wijst naar de hemel. De engel met gouden aureool, is gekleed in albe, amict, stola en manipel. Jakob is zonder aureool afgebeeld, maar boven zijn hoofd zweeft de Heilige Geest in de vorm van een duif. De handeling speelt zich af voor een rood gebouw. Van de rivier Jabbok is geen spoor te bekennen.
None: Kennis
Deze schoolscène is een illustratie van de vijfde gave van de Heilige Geest: kennis of wetenschap.
De leraar zit op een stoel, in de ene hand heeft hij een roede en met de andere houdt hij een voor hem knielende leerling een open boek voor waaruit hij hem laat lezen. Boven het hoofd van de leerling is de duif van de Heilige Geest afgebeeld met een banderol waarop in het Latijn een citaat uit Psalm 2: 11 staat, dat zegt: […] laat u leren, bestuurders der wereld! Twee andere studenten zitten in het stro op de vloer en houden zich met hun boeken bezig. De kelderachtige ruimte heeft twee tralievensters boven in de gewelven.
Vespers: Vroomheid
Vroomheid, de zesde gave van de Heilige Geest, is hier uitgelegd als caritas, naastenliefde. Een modieus geklede dame staat voor de deur van haar huis of paleis en deelt geld uit aan drie bedelaars. De dame zou een gestileerd portret kunnen zijn van Catharina van Kleef
Met één hand neemt zij iets uit haar beurs, met de andere legt zij een geldstuk in de nap van een van de bedelaars. Ook de andere bedelaars houden een nap op; één is kreupel en leunt op een kruk, en alle drie zijn gekleed in lompen.
De duif van de Heilige Geest zweeft boven het hoofd van de dame, en de banderol boven de hoofden van de bedelaars draagt een tekst uit Lucas 11: 41: Geeft liever wat erin is als aalmoes; dan is voor u alles rein.
In de ondermarge bezoekt een vrouw een gevangene in de gedaante van Christus, herkenbaar aan de kruisnimbus, als illustratie van de woorden: Wat gij aan de minsten der mijnen hebt gedaan, hebt ge aan mij gedaan.’
Completen: Vreze des Heren
In een driehoekige opstelling, overeenkomend met die van de voorstelling van het Laatste Oordeel zijn de oordelende Christus, een geknielde man - waarschijnlijk Aernoud van Gelre, echtgenoot van Catharina van Kleef - en een duivel afgebeeld.
De man kijkt biddend omhoog naar Christus; zijn breedgerande pelshoed ligt voor hem, boven hem zweeft de H. Geest in de gedaante van een duif. De duivel heeft vleugels aan schouders en heupen, de kop van de mond van de hel, en een vreemd geel traliewerk op zijn buik. Alle drie figuren zijn voorzien van banderollen met Bijbelse citaten, die verband houden met de Vreze des Heren.
68
Nieuwsbrief
Neem een gratis abonnement op de nieuwsbrief en ontvang een dagelijkse update!.

Leo van der Stappen
2025-06-09 16:08:09Mooi. maar op mijn scherm volgt de tekst niet de afbeeldingen